Eén casus
Informatie over cliënten valt uiteraard volstrekt onder mijn beroepsgeheim, maar er is precies één individu waarover ik open kan zijn voor wat betreft de verslavings- en herstelperiode, dat ben ik zelf.
Mijn eigen casus
Op mijn achttiende mocht ik student worden in Amsterdam. Ik zeg dat opzettelijk zo: "student worden". Meestal wordt gesproken over gaan studeren. Maar studeren interesseerde me buitengewoon weinig. Dat hoorde bij het student zijn had ik wel begrepen, dus schreef ik me ergens voor in. Waar het me om ging was een eigen kamer in de spannende stad Amsterdam en een bescheiden financiele toelage, om te kunnen doen en laten wat ik wilde.
Als ik nu terugkijk was ik op mijn achttiende een somber en onzeker manneke. Als iemand me dat destijds gezegd had, dan had ik dat natuurlijk krachtig ontkend. Wat ik al eerder als tiener had ontdekt was, dat als ik maar een of twee glazen bier naar binnen mikte, er opeens geen sprake meer was van somberte of onzekerheid. Ik was dan plotseling in staat om onbezorgd plezier te maken met leeftijdgenoten en ik vond het leven dan zeer de moeite waard. Als alcohol dat voor je doet, dan hoef ik - voor de meeste lezers hier - niet verder uit te leggen dat ik, eenmaal in Amsterdam, al snel dagelijks dronk en bovendien steeds meer. Dat laatste mede omdat bij alcohol nu eenmaal het begrip gewenning hoort. Om hetzelfde effect te krijgen dat in het prille begin met twee glazen wordt bereikt, heb je na enkele maanden vijf glazen nodig en na enkele jaren tien.
Ik heb 25 jaar gedronken. De eerste vijf tot tien jaren van mijn drinkerstijd waren voornamelijk plezierig. De laatste vijf tot tien jaren waren dat helemaal niet meer. Daar zit een keiharde en onomkeerbere lijn in. Een kater op mijn twintigste - 's ochtends een uurtje niet helemaal fit - was een geheel ander verhaal dan een kater op mijn veertigste - eigenlijk de hele dag beroerd tot ik weer aan het bier kon. Daarnaast gingen er steeds meer dingen mis in mijn leven en kwam er niets nieuws meer van de grond. Het heeft jaren geduurd voor ik voor mezelf wilde toegeven dat alcohol een hoofdrol speelde in van alles en nog wat dat fout ging.
Ik ben ooit helemaal aan het einde van mijn doodlopende dranksteeg geweest: lichamelijk en geestelijk hondsberoerd in mijn bed liggend, suicidaal fantaserend en zeker wetend dat alles afgelopen was. Volstrekt in tegenstelling met die toestand heb ik sinds 1991, weer een behoorlijk aangenaam leven. Aan het einde van mijn dranktijd meende ik zeker te weten dat herstel van al die ellende onmogelijk was. Maar de praktijk heeft anders uitgewezen. Het verschil was stoppen met drinken en energie investeren in een andere stijl van leven. Maar ja, hoe doe je dat?
Op basis van mijn persoonlijke ervaring ben ik er van overtuigd dat mensen die ervaringsgroepen weten te vinden waarbinnen ze zich thuis kunnen voelen, duidelijk het beste af zijn. Met name op langere termijn. Stoppen en enige tijd gestopt blijven, kan zowel binnen de verslavingszorg als binnen de ervaringsgroepen tot stand komen. Maar het ontwikkelen van een eigen stijl van nuchter leven kan eigenlijk alleen goed geschieden temidden van mensen die bezig zijn met een soortgelijke persoonlijke ontwikkeling. Die mensen kunt u vinden bij de ervaringsgroepen zoals de AA, NA, CA, Buitenveldertgroep, etcetera.
Als u nog aan het begin staat van de aanpak van uw verslavingsprobleem dan gelooft u dat waarschijnlijk niet. U bent namelijk een uitzondering, u bent een licht geval, u heeft een hekel aan groepen, u bent anders, etcetera. Dat hoort bij het ziektebeeld. Het is verstandig voor een psycholoog om terughoudend te zijn in het voorspellen van menselijk gedrag. Maar op dit vlak durf ik het volgende te voorspellen: Als u een verslavingsprobleem heeft en u komt daadwerkelijk in actie, dan is de kans groot dat u "soul mates" zult vinden bij de ervaringsgroepen.
|